Nieuws

15-05-2019

Salarishuis i.p.v. salariswagen?

Jonge mensen die in grote steden als Brussel, Antwerpen en Gent werken, kunnen er vaak niet wonen omdat huizen en flats er zo duur zijn. Mochten ze er wel wonen, dan zouden er veel minder files zijn. MR-vicepremier Didier Reynders lanceerde in de krant Het Laatste Nieuws een variant op de salariswagen: het salarishuis, waarmee de werkgever zich engageert om het huis mee af te betalen, op voorwaarde dat je dichter bij je werk gaat wonen. Een echt nieuw idee blijkt het niet te zijn.

IS DAT EEN ORIGINEEL IDEE? Neen. De Vlaamse Confederatie Bouw schermde er in februari nog mee op haar Bouwforum. De confederatie zag er een opportuniteit in om het energiezuinig bouwen en renoveren aan te zwengelen. Het Vlaams woningpark is inderdaad erg verouderd en bijlange niet energie-efficiënt genoeg. Om de CO2-normen tegen 2030 te halen, is een zware inspanning nodig. De Vlaamse Confederatie hoopt zo een steentje bij te dragen en uiteraard de bouwsector een duw in de rug te geven. Enkele jaren geleden deed fiscalist Michel Maus al een vergelijkbaar voorstel, bijna tien jaar geleden circuleerde het idee ook al bij Open VLD. Reynders geeft nu een eigen interpretatie. Dat hij dat als Franstalige doet, is opvallend. Bedrijfswagens zijn vooral een Vlaams fenomeen. En hij is niet alleen: Waals minister van Klimaat Carlo Di Antonio (CDH) deed recent nog hetzelfde voorstel in La Dernière Heure.

ZIT ER GEEN ADDER ONDER HET GRAS? Pascal De Decker, ruimtelijk planner en docent aan de KU Leuven, vreest alvast de neveneffecten. “Het is niet omdat er een bijkomend fiscaal voordeel komt voor wonen, dat het aanbod van woningen ook groeit”, waarschuwt hij. “Die maatregel zal de woningprijzen alleen maar doen stijgen, net zoals dat bij de woonbonus het geval is.”

De fiscale aftrek komt met andere woorden indirect bij verkopers en banken terecht. En voor wie geen salariswagen heeft, wordt het nog moeilijker om een huis te kopen in de steden die voor een salarishuis in aanmerking komen. De Decker vreest ook dat het mattheuseffect op de woonmarkt - waarbij de woonbonus vooral gunstig is voor wie kapitaalkrachtig genoeg is om een eigen huis te bouwen - nog zwaarder zal doorwegen. “De bestaande ongelijkheden op de woningmarkt worden zo alleen maar versterkt”, zegt hij. “Mensen met een bedrijfswagen zitten al in het topsegment.” Vergeleken bij het huidige premiebeleid voor energievriendelijke investeringen zou deze maatregel bovendien een ommekeer betekenen. Het huidige Vlaamse beleid koppelt subsidies in veel gevallen aan inkomensgrenzen. Deze maatregel bedient een publiek dat boven die inkomensgrenzen zit.

IS HET WEL EEN GROEN IDEE? Dat hangt er maar van af. Als mensen overtuigd kunnen worden om meer geconcentreerd te wonen en minder afhankelijk te worden van hun auto, zijn dat twee vliegen in één klap. Wonen en mobiliteit zijn de twee grote pijnpunten in de Vlaamse CO2-rekening. Een maatregel die een gunstig effect heeft op beide is zeker welkom. Maar dan moeten de voorwaarden wel streng worden gehouden. Reynders laat zich niet uit over de modaliteiten van de maatregel. Als die wordt uitgebreid naar de villawijken in randgemeenten, waar het MR-publiek al eens resideert, dreigt hij op ecologisch vlak veel minder waardevol te zijn.

 

Bon: De Standaard